door Kie Ellens               

 mannetje    
                                                             
Proloog
Rood is stoppen, groen is doorlopen.   
                                                                                   
Als de zon achter een heldere horizon zinkt en er binnen honderden kilometers geen land te bekennen is, geen vocht in de lucht zit en er geen atmosferische storingen zijn, kan het gebeuren dat je de groene straal ziet. De laatste straal van de zon als die verdwijnt achter de ronding van de aarde. Deze groene flits is vaak zo snel verdwenen dat je aan zijn bestaan zou twijfelen. Voor zeelieden was de Green Ray een teken van hoop (en ‘kleurde’ zo hun bestaan).

In 1882 verscheen van Jules Verne het boek Le Rayon Vert, in het Nederlands ‘De Wonderstraal’ maar letterlijk vertaald is het De Groene Straal. Het boek gaat over de zoektocht naar de groene flits. Meer dan een eeuw later zal de Britse kunstenares Tacita Dean ook de wereld rondreizen op zoek naar het bijzondere fenomeen. Ze filmt het uiteindelijk vanaf het strand van Madagaskar, op de laatste dag van haar verblijf aldaar. De straal zelf ziet ze pas nadat ze deze laatste opname terugkrijgt uit het filmlab in Londen.

In 1958 verscheen The Green Flash and Other Low Sun Phenomena. Uitgebracht door het Vatican Observatory, het wetenschappelijk bureau van de paus. Dat dit instituut eraan te pas moest komen om de groene straal wetenschappelijk te verklaren laat zien hoe belangrijk het weerleggen van het ‘heidens’ geloof in dit fenomeen was. Eens te meer zien we hoeveel betekenis het onverwacht verschijnen van de groene kleur werd toegedicht. In verschillende tijden werd los van elkaar eenzelfde betekenis aan het gekleurde licht gegeven. Vroege Kelten spraken van ‘soillse bheó’, het levende licht.

In 1992 maakte Wia van Dijk De Groene Ster en de Twaalf Sterren, een muurschildering in combinatie met twaalf zuilobjecten voor het stadskantoor in Zaanstad

Er is taal zodat we elkaar kunnen begrijpen. Het leren spreken begint met imiteren, papa..., mama..., maar waar, wanneer en hoe leren we eigenlijk de ‘kleuren’ kennen. Aan het verkeerslicht, ‘groen is doorgaan’ en aan ‘je groen en geel ergeren’ zien we dat de context uitmaakt en de kleur een andere betekenis kan geven. Een groen en gele ergernis dicht het groen een andere betekenis toe dan de groene kleur die voor groei staat. Het gezegde ‘kleur bekennen’ (voor zijn standpunt uit moeten komen) laat zien hoe centraal kleur in ons leven is. Met een vanzelfsprekendheid die niet meehelpt om je er bewust van te laten zijn.Het is ook het eerste wat ik zag toen ik het werk van Wia van Dijk meer dan 25 jaar geleden leerde kennen, kleur. De kleur is één keer gekomen en daarna altijd bij haar gebleven. In 1993 maakte Van Dijk het beeld Noorderzon in een nieuwbouwwijk in Assen. Het onderscheid tussen realistisme en abstractie gaat hier niet op. Het is beter om te spreken over werk dat op de realiteit gebaseerd is dan dat het op imitatie van de realiteit stoelt. Een ogenschijnlijk subtiel maar groot verschil. Van Dijk gebruikt voor dit beeld de realiteit. Het zijn de kleuren van de dag die ze in het beeld heeft samengebracht. Het is geen imitatie van de kleuren. Met ‘de dag’ introduceert ze het besef van tijd in haar werk. Een parameter die in haar recente werk nog nadrukkelijker aan bod komt.


marsdijk                                               
  Wia van Dijk Noorderzon - 1993
  beton en minerale pigmenten
      

Zonder tijd geen herinnering. Neurowetenschappers hebben nog niet zolang geleden ontdekt dat de snelste weg naar het geheugen via de ogen, de oren de mond en de neus loopt. Via de zintuigen dus. Elk mens heeft zeven ‘openingen’, om te zien, te horen te eten en adem te halen. Om te leven. Bij de meeste zintuigelijke ervaringen zetten we meerdere organen in. Bij voedsel de tong en de neus, voor smaak en geur. Bij het kijken maar één; onze ogen. Is het daarom dat kleur zo belangrijk voor ons is? De neurowetenschapper zou het al volgt uitleggen. Sensorische prikkels; Au! Die kachel is heet! worden in de hersenen verwerkt tot geheugen. Ze worden in ons geheugen gegrift. Als we daarna de kachel zien weten we Afblijven! In de hersenen wordt opnieuw hetzelfde stukje brein actief. En we ervaren zintuigelijke prikkels die in het geheugen zijn opgeslagen veel sterker dan talige. Ook kleur kan zo een prikkel zijn.


auto in brons                                                           
  Wia van Dijk Auto brons - 2004


In Van Dijk’ s Levensaders worden alle hierboven genoemde verworvenheden ingezet. Met een palet aan kleuren laat ze ouderen de verschillende stadia in hun leven van een kleur voorzien. Deze benadering zet de kijker, in dit geval deze oudere, onmiddellijk in de positie van de maker. Na vele jaren doet de kunstenaar ogenschijnlijk een stap terug. Uiteindelijk realiseer ik me dat ze eigenlijk altijd al zo gewerkt heeft. Ook vroeger kwamen haar kleuren uit de realiteit. In plaats van ‘de dag’ ‘het landschap’, de gekleurde autootjes van haar zoon Arno, de kleur die zich aan haar voorstelt, zet ze nu de herinnering van de door haar gekozen mensen in. Door kleuren te kiezen bij de verschillende stadia in het leven ontstaat een portret zonder een oordeel. De kleur is. Het is het aandenken aan vroeger. Aan het vroeger van gisteren en het vroeger van de prille jeugd.


 levensaders                               
   Wia van Dijk Levensaders - 2015


Wia gunt de maker met zijn kleurstreng een blik op hun eigen leven in een taal die ze dachten niet te kunnen lezen. Nu blijkt dat ze er zelfs mee kunnen schrijven. Het is duidelijk dat de kleurenleer van Philip Otto Runge hier niet van toepassing is, nog die van Johannes Itten. Hier worden de kleuren bepaald door hoe je ze geleerd hebt, op de schoot van je moeder, in je vroegste jeugd. Het is bijzonder werk, deze Levensaders. Je voelt dat alle strengen een intrinsieke logica hebben. Je ziet de muur binnenin de strengen een gloed krijgen. Doordat ze er vanzelfsprekend uitzien lijken ze eenvoudig maar niets is minder waar. Het is een klein wonder dat ze eruitzien als zichzelf zonder dat we ze ooit eerder gezien hebben. Iets nieuws maken dat eruitziet als zichzelf is de grootste verworvenheid van kunst. Juist doordat alles hier door de werkelijkheid is aangedragen.


Het uit handen geven van het kiezen van de kleuren is voor Van Dijk een logische. Ook zij heeft de kleuren weten te doorgronden, al jaren en altijd intuïtief. In de grote verscheidenheid heeft ze altijd een eenheid weten te vinden. Haar werk valt nooit uit elkaar. Esthetiek is vervangen door acceptatie, het is zoals het is. De strengen hangen ook op deze laconieke manier op een spijker of aan een stang. Het is zoals het is. Het leven zoals het zich in de werkelijkheid laat zien. Wia geeft hiermee tijd aan de oudere als maker, tijd voor herinnering die reflectie worden kan.

In de Levensaders smelt Wia in mijn gedachten twee kunstenaars samen. Niet toevallig twee Latijns-Amerikaanse kunstenaars. Lucio Fontana die van Argentinië naar Italië reisde en Hélio Oiticica uit Rio de Janeiro. Ons Europees modernisme biedt haar werk geen houvast meer.


Fontana            
  Fontana: Concetto Spaziale
  Ets met aquatint, 60 x 47 cm - 40/99
  ongedateerd.



Fontana heeft ons een nieuwe ruimte gegeven door het prikken van de gaten en het maken van snedes in het doek. Door de snedes opende zich een conceptuele ruimte, je ziet door de snede heen nooit de muur maar altijd een niet te peilen zwart. Hélio Oiticica vulde de nieuw ontsloten ruimte met kleur. Zijn houding ten opzichte van de schilderkunst was radicaal en compromisloos. Oiticica bracht de kleur naar de ruimte. En helpt Wia om een nieuwe Fontana te zijn, bij haar niet de snee maar de kleur rondom op de streng zodat het heden en het verleden elkaar weer raken. De herinnering is niet lineair. Bijzonder is het dat de strengen uit kleur lijken te bestaan, meer dan dat ze beschilderd zijn en de kleur erop ligt. Het is opnieuw een Body of Color die we van haar krijgen. We kijken mee met haar ouderen en zien dat we meer delen, meer overeenkomsten voelen, dan dat we ons van de ander onderscheiden.


 helio oiticica                                                                      
   Hélio Oiticica - Parangole


Postscriptum I
Welke wereld heeft Wia ontsloten? Denkend aan het legendarische zwarte gat van Anish Kapoor (Documenta IX, Kassel 1992) dringt zich een hit van James Brown aan me op: “Say it Loud (I’m Black and I’m Proud). Een single uit het bewogen jaar 1968*.


Postscriptum II
Onlangs sprak ik met Heleen van Gent, hoofd van het AkzoNobel Global Aesthetics Center, over het kiezen van de kleur voor dit jaar. Elk jaar wordt een kleur bepaald met daarbij een aansluitend kleurgamma. Voor elk van de zes werelddelen één. Van Gent en haar team laten zich bij het kiezen helpen door intensief in contact te treden met visionaire mensen in de maatschappij, denkers en makers maar ook door het volgen van het nieuws. Voor 2016, in een tijd die voelt alsof we op een kruispunt van twee tijdperken staan, leverde het, met het motto ‘Looking Both Ways’, de kleur okergoud op. Dualiteit in de inhoud, in combinatie met een kleur die Wia van Dijk niet vreemd is. Meer dan ooit moeten we kleur bekennen. Laat vooral de realiteit ons daarbij helpen.


Kie Ellens, kunstenaar en curator

*In 1968 werden zowel Martin Luther King als Bobby Kennedy vermoord

uit: catalogus Episode 2016