door Hanna Hagenaars


pezzettino 12 kl
foto Harry Cock

Het atelier van Wia van Dijk is bedekt met een dikke laag gekleurd krijtachtige stof. Een deel van de vloer wordt in beslag genomen door wonderlijke bouwseltjes. Hun kleuren zijn als in een ochtenddauw, als onder een wit vliesje. Het is een stad als in een visioen. Hier staan de elementen voor het werk voor het gerechtsgebouw. Elk torentje is gestapeld uit losse bouwstenen van beton, ongelijk van grootte maar steeds in diverse tinten van één kleur. Lindegroen, mintgroen, dennegroen, blauwgroen. De kleuren zijn zoet en suikerachtig, alsof ze de harde materie van het beoton willen verzachten. De werkwijze herinnert aan het spelen met de blokkendoos. De opbouw voldoet aan de meest primitieve wetten: de grote stenen dragen de kleinere stukken. Maar steeds zoekt Van Dijk naar de grenzen van deze wetten, de spanning van het uitproberen hoever je gaan kunt voordat de toren omvalt.

Straks worden deze wankele en vertederende bouwseltjes aan een ronde betonnen wand bevestigd. Ze zullen voor een deel de spanning van het balanceren inwisselen voor vastigheid. Een nieuwe spanning treedt nu binnen. De elementen maken zich los van de muur, de ruimte in. Een pas naar links of een pas naar rechts verandert steeds de aanblik. De zijkant geeft nieuwe informatie over hun ontstaansgeschiedenis. En kleur is vooral vorm geworden. Het werk is veel  formeler nu. Elk bouwsel is eerst verlijmd en vastgezet tot een solide geheel. Vervolgens zijn de elementen in een streng patroon van tweemaal een vierkant van elk negen elementen aan de muur bevestigd. Zo ontstaat een veld van regelmatige kleurvlakken op een grauw betonnen muur.

De overeenkomst in materialen zorgt voor een vanzelfsprekend effect. De kunstenaar is van rol verwisseld en is van tovenaarsleerling tot mathematicus geworden. Maar de objecten dragen het geheim van hun ontstaan met zich mee. Het is niet meer zo direct voelbaar maar wel af te lezen. En in het geordende geheel wordt hun boodschap heel helder. De totaliteit der dingen is het eindreslutaat waar het omgaat en daarmee het besef dat elke stap in het leven een onder deel is van een groter geheel.

Uit: catalogus kunst in het Gerechtsgebouw te Groningen, in opdracht van de Rijksgebouwendienst te Den Haag